Pumpkin it!

Deze is maar heel kort, maar wel een handige voor iedereen die nog pompoenen heeft liggen en de soep al zat is. Lijkt me niet waarschijnlijk, want zeker met stormachtig weer is pompoensoep een knusse traktatie. Of op festivalletjes. Hoe heerlijk is het om als het ‘s avonds toch een beetje fris begint te worden een kop pittige pompoensoep leeg te lepelen? Pittig zorgt er bij mij meestal voor dat zowel mijn ogen als mijn neus beginnen te tranen, daarom bewaar ik het ook voor de schemering. Laatst vroeg een vriendin hoe ik pompoensoep maakte, maar eigenlijk hoef je hiervoor dus niets te doen. Fruit een uitje, voeg er eventueel knoflook aan toe, stukjes pompoen erbij (koop biologische, dan hoef je hem niet te schillen), net onder water zetten, groentebouillonpoeder erbij, wachten tot de pompoen zacht is, staafmixer er op laten uitleven, en je hebt een heerlijk soepje. Vervolgens kun je natuurlijk eindeloos met kruiden en specerijen variëren. Dat raad ik ook zeker aan, en bij pittige soep is het lekker om er ook wat kokosmelk doorheen te roeren. Serveren met een dot crème fraiche of roomkaas… Mmmm…. Ik weet al wat ik vanavond eet. Ook omdat ik dus pompoenstukjes heb liggen omdat ik geen hele pompoen nodig heb voor een cake (hoe klein mijn tuinvoortbrengsels ook zijn, eigenlijk een familie van babypompoentjes. Überschattig en handig als je gewoon snel een eenpersoonsportie soep wil maken).

Goed, pompoencake:

- 250 ml zonnebloemolie

- 175 gram suiker

- 3 eieren

- 175 gram bloem

- 1,5 tl bakpoeder

- 1,5 tl baksoda

- 3/4 tl zout

- 1,5 tl kaneel

- 1/4 tl nootmuskaat

- 1/4 tl gemberpoeder

- 120 gram gehakte walnoten (deze kun je evt vervangen door rozijnen)

- 225 gram geraspte pompoen, kan gewoon met schil als hij bio is.

- 1 tl vanille-extract/-essence/-aroma

- eventueel 2 eetlepels ahornsiroop

Voor het glazuur:

- 150 gram verse roomkaas

- 50 gram roomboter (moet al even uit de koelkast zijn zodat hij geklopt kan worden)

- 225-250 gram poedersuiker

1 springvorm van 24 cm of 2 van 20 cm

Oven voorverwarmen op 180. Vorm(en) invetten, bodem met bakpapier bedekken. Olie, suiker en vanille (en evt ahornsiroop) mixen. Eieren een voor een toevoegen, goed mixen. Droge ingrediënten zeven en er doorheen mixen. Pompoen er doorheen roeren, dan de walnoot (of rozijn). Zorg dat het goed vermengd is. In bakvorm(en) gieten. Als je één grote vorm gebruikt ongeveer 45 minuten in de oven. Twee kleine vormen ongeveer een half uur (max!). Checken met satéprikker! Even in blik laten afkoelen, dan op een rooster helemaal laten afkoelen. Nooit op de onderkant van het bakblik laten staan want de cake kan dan heel zompig worden (de zogenaamde ‘soggy bottom’).

Glazuur: de drie ingrediënten mixen. Hoe langer je mixt des te makkelijker het smeert. Bij twee cakes eerst de bovenkant van de onderste plamuren, tweede cake er bovenop leggen en de rest besmeren.

Ja, dit lijkt inderdaad ontzettend op het recept voor de worteltjescake maar dan met courgette. Zo kwam ik er ook op. Heerlijk, en lekker van het seizoen!

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Uit andermans tuin

Ik zet die recepten wel even in een nieuwe verhaal, want ik was er nog een vergeten: APPELMOES. Nee, niet die zoete gele prut uit pot. Wow, dat klinkt wel heel negatief. Als kind was ik er dol op en ik kreeg erwtjes alleen maar weg als ze in appelmoes dreven. Daarbij had ik een hekel aan de zelfgemaakte appelmoes van paps en mams, met allemaal van die grote stukken, getsie.

Toen ik eenmaal over mijn vrij beperkte smaak heen was gegroeid, dacht ik ook maar eens appelmoes te proberen. Het had iets heel avontuurlijks om de ladder tegen de enige appelboom die de tuin rijk was te zetten. Nou vond ik dingen al vrij snel avontuurlijk aangezien ik als klein meisje een hekel had aan buitenspelen. Behalve op vakantie. Dan trok ik er altijd met mijn broertje op uit. Het hele jaar kon ik hem niet velen (dat hoefde ook niet, want hij speelde van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat buiten), maar zodra we in de auto zaten waren we dikke maatjes. Of eigenlijk als we eruit kwamen, want lange autoritten naar verre oorden waren niet bevorderlijk voor mijn gestel. Tel daar een boottocht naar Engeland bij op en de eerste vakantiedag is goed verpest. We hebben serieus een keer de boot naar Texel gemist omdat mijn ouders de auto moesten schoonmaken, van binnen…

O ja, appelboom. Linnen tas om de schouders en klimmen maar. Eén zo’n boom geeft nog een behoorlijke oogst en als die eenmaal binnen was gehaald begon ik te schillen. Dit is het makkelijkste recept ooit: appels – geschild, ontklokt en in kleine blokjes gesneden – water, suiker en kaneel. Ta-daaaaa!

Oké iets preciezer: Zure appels zijn het best. Namen weet ik niet, de aardappels die we hebben gerooid staan ook wel bekend als ‘die met de rooie of die met de gele schil?’ Hoeveelheid maakt niet uit. Zoveel je wilt, heel veel als je meteen voor de rest van het jaar gaat wecken. Water: ik begin altijd met tot iets over de helft van de appellaag in de pan. Je kan er altijd nog water aan toevoegen als je de moes te dik vind, maar met te veel zit je al heel gauw op appelsoep. Suiker: helemaal afhankelijk van de hoeveelheid appels. Ook hier geldt: begin met een beetje, je kan altijd toevoegen. Rietsuiker of kristalsuiker maakt niet uit. Voor degenen die kalm aan willen doen met suiker, je kan ook stevia oid gebruiken. Kaneel: voor mij bestaat er niet zoiets als te veel kaneel. Dit is zo’n heerlijk gezellige specerij, maar ook hier geldt dat je naar smaak moet toevoegen. To spice it up a bit vind ik het lekker om er ook een beetje gemberpoeder doorheen te doen, misschien zelfs een beetje nootmuskaat, schep honing, ahornsiroop. Goed, niet alles tegelijk, maar ze kunnen net even iets toevoegen aan de smaak. Als het water begint te koken goed roeren zodat de bovenste stukjes appel ook zacht kunnen worden en als alles zacht is kun je met de garde aan de slag. Ik ben nog steeds een beetje van ‘getsie, stukjes’ wat appelmoes betreft, dus ik sta rustig een kwartier te kloppen (goeie work-out). Hier geldt echter ook weer: het is maar net waar je van houdt, dus klop het zo dik of zo grof of zo fijn als je wilt. Gooi het echter niet in de blender, want daar wordt het heel vloeibaar van.

Nu mag ik me lekker uitleven met appels uit de boomgaard van een vriend. Ze zijn mini, maar ik heb al lang geleerd dat dat voor de smaak niets uitmaakt.

appels uit andermans tuin

appels uit andermans tuin

appelmoes

appelmoes

Geweckt is het een eeuwigheid houdbaar (wel de potten steriliseren) en uit de pot kun je het gewoon weer opwarmen, want dan is ie wel het lekkerst.

Dan de beloofde courgetterecepten.

Carrot cake, maar dan met courgette:

- 250 ml zonnebloemolie

- 175 gram suiker

- 3 eieren

- 175 gram bloem

- 1,5 tl bakpoeder

- 1,5 tl baksoda

- 3/4 tl zout

- 1,5 tl kaneel

- 1/4 tl nootmuskaat

- 1/4 tl gemberpoeder

- 120 gram gehakte walnoten (deze kun je evt vervangen door rozijnen)

- 225 gram geraspte courgette (even laten uitlekken)

- 1 tl vanille-extract/-essence/-aroma

Voor het glazuur:

- 150 gram verse roomkaas

- 50 gram roomboter (moet al even uit de koelkast zijn zodat hij geklopt kan worden)

- 225-250 gram poedersuiker

1 springvorm van 24 cm of 2 van 20 cm

Oven voorverwarmen op 180. Vorm(en) invetten, bodem met bakpapier bedekken. Olie, suiker en vanille mixen. Eieren een voor een toevoegen, goed mixen. Droge ingrediënten zeven en er doorheen mixen. Courgette er doorheen roeren, dan de walnoot (of rozijn). Zorg dat het goed vermengd is. In bakvorm(en) gieten. Als je één grote vorm gebruikt ongeveer 45 minuten in de oven. Twee kleine vormen ongeveer een half uur (max). Checken met satéprikker! Even in blik laten afkoelen, dan op een rooster helemaal laten afkoelen. Nooit op de onderkant van het bakblik laten staan want de cake kan dan heel zompig worden.

Glazuur: de drie ingrediënten mixen. Hoe langer je mixt des te makkelijker het smeert. Bij twee cakes eerst de bovenkant van de onderste plamuren, tweede cake er bovenop leggen en de rest besmeren. Oost-Indische kers is leuk als versiering en nog eetbaar ook.

Courgettebrownie:

- 150 ml zonnebloemolie

- 300 gram fijne suiker

- 2 tl vanille-extract/-essence/-aroma

- 250 gram bloem

- 50-60 gram cacaopoeder

- 1,5 tl baksoda

- 1 tl zout

- 250 gram geraspte courgette

- 100-150 gram gehakte pure/witte chocola

- evt 75 gram gehakte walnoot

- evt 2 eieren

- snufje chilipoeder

Voor het glazuur:

- 250-300 gram poedersuiker

- 100 gram roomboter (op kamertemperatuur)

- 50 gram cacaopoeder

- 2-3 eetlepels melk

Grote brownievorm bekleden met bakpapier. Oven voorverwarmen op 180 graden.

Olie, suiker en vanille goed mixen. Als je eieren wil gebruiken deze er een voor een doorheen mixen (doe ik wel, maar hoeft dus niet). Droge ingrediënten zeven en door het mengsel mixen (eventueel met een snufje chilipoeder). Courgette er doorheen roeren, vervolgens de chocola of walnoot er doorheen roeren. In de vorm gieten. Ongeveer 30 minuten in de oven. Dit is een luchtige brownie dus hij moet terugveren als hij gaar is. Voor het glazuur de boter mixen met de melk en de cacao. Als het goed luchtig is de poedersuiker erdoor roeren en goed mixen. Lekker dik over de brownie smeren en in stukken snijden.

Courgettebrownie

Courgettebrownie

Geplaatst in appel, courgette, taart, wortel | Een reactie plaatsen

Uit eigen tuin

Naast mijn vertaalwerk en er lustig op los bakken, werk ik ook af en toe in het Universiteitsmuseum. Nu dus. Goed, vandaag is mijn laatste dag, want ondanks de prachtige oude hortus kan een hele avond achter een verlaten receptie zitten me niet bekoren. Nou is mijn laatste dienst een ochtenddienst en meteen deed mijn sleutelkaart het niet meer. Vorige week kon ik er ook al niet in omdat de dienstingang nog op slot zat en dan doet een sleutelkaart ook niks, hoe vaak je hem ook voor het rode lampje heen en weer wappert, dat vervolgens enthousiast op groen springt, maar openen, ho maar. En zojuist werd ik nog even telefonisch op mijn vingers getikt omdat ik het protocol weer heb genegeerd. Dat doe ik niet met opzet, ik heb het protocol gewoon nog steeds niet helemaal gelezen, aangezien avondreceptie inhoudt dat je gewoon kunt gaat zitten en af en toe een verdwaalde feestganger terugstuurt.

Inmiddels zijn er een paar dagen verstreken sinds ik begon te schrijven en werk ik dus niet meer in het museum. Dit werk is wel een hele leuke ervaring geweest. Ik had nog nooit eerder een baantje had gehad dat in de buurt van kantoor-  of receptiewerk kwam. Mijn eerste, en tot nu toe langste baan, was in de cadeauwinkel van mijn moeder. Ik zei altijd cadeauwinkel, maar we stonden bekend als de snoepwinkel. Zoetwaren waren er ook een onderdeel van, maar lang niet de hoofdcategorie al kon je er wel weer hele mooie cadeautjes mee maken. Inmiddels bestaat de winkel al zes jaar niet meer, maar ik krijg nog steeds kerst- en verjaardagskaartjes van vroegere klanten. Ja, zo’n soort winkeltje was het.

Goed, voor ik wegzak in melancholisch gemijmer: het is echt een eeuwigheid geleden dat ik ook maar iets over mijn bakcapriolen heb geschreven. Niet dat ik niet héb gebakken, maar ik heb de afgelopen tijd heel veel klussen, of hele intensieve klussen gehad. Superfijn natuurlijk, maar om je een idee te geven van mijn tijdsindeling: ik heb de laatste week van augustus gebruikt voor mijn voorjaarsschoonmaak. Gelukkig is het me wel gelukt om regelmatig naar ons moestuintje te gaan. Hippe dertigers die we zijn, stonden we toch mooi even in de Viva, al werd ik niet bij naam genoemd, maar was ik ‘een vriendin’ met wie Ramona zich buiten botvierde op ‘[d]e perfecte plek om je hoofd leeg te maken. Daar word ik écht gelukkig van. Het werkt bijna therapeutisch.’ Serieus, we moesten eindeloos veel vragen beantwoorden en dan halen ze dat eruit. Maar ook alleen dat. Niet dat we toffe freelancers zijn die ook nog eens even hun eigen maaltijd uit de grond weten te trekken. Gelukkig hebben ze de vraag: ‘wat doe je met de dingen die je uit de tuin haalt?’ verder niet verwerkt. Het enige antwoord dat ik kon bedenken was namelijk: ‘ehhh… opeten?’

En we hébben gegeten. Mijn hemel. You name it, we ate it. Behalve suikermaïs, daar zijn de vogels en haas mee aan de haal gegaan. Meneer Frits blijkt dus eigenlijk vooral voor de sier.

Meneer Frits

Meneer Frits

De courgetteoogst is uiteraard gigantisch geweest, en in een poging verder te gaan dan soep en die altijd scorende Griekse courgettecake ben ik op zoek gegaan naar recepten. Een van de meest voor de hand liggende werd me aangeraden door Ruth, nog zo’n baking queen: vervang de wortel in carrotcake door courgette. Heeft niemand in de gaten. Helemaal waar! Ook gevonden: courgettebrownie. Nu maak ik mijn brownies altijd met chocola in plaats van cacao en ik ben dan ook nog niet helemaal overtuigd van dit recept, maar met een flinke laag chocoladeboterglazuur is hij niet te versmaden (vroeger dacht ik altijd dat dat het tegenovergestelde van lekker betekende, waarschijnlijk door het bijwoord van ontkenning).

courgettebrownies

courgettebrownies

Courgettepannenkoeken. Gewoon pannenkoekbeslag maken en extra specerijen toevoegen: kaneel, gemberpoeder, nootmuskaat, vanillesuiker, zout niet vergeten. Als de geraspte courgette erg nat is een beetje extra bloem in het beslag.

Mijn absolute showstopper van de afgelopen tijd was toch wel de double chocolate fudge cake die ik voor de verjaardag van mijn broer heb gebakken. Normaal gesproken maak ik hier een plaatcake van die ik vervolgens met een hemels glazuur bestrijk, maar deze mijlpaal vroeg om toch iets extra’s dus ik heb er een hele hoge taart van gemaakt met extra veel glazuur. Nu is de textuur van de cake vrij luchtige en het glazuur in verwarmde vorm vrij vloeibaar, dus bij het bestrijken van de onderste laag trok een groot deel van het glazuur in de cake. Geluk bij een ongeluk, want de smaak wordt er alleen maar beter op, maar nu moest ik gaan beknibbelen op het glazuur voor de rest van de cake. Het resultaat was echter fantastisch, ongelooflijk machtig, en precies het soort chocoladetaart dat ik ook zou kiezen voor mijn verjaardag. Overigens ook heel geschikt voor bruiloften, dan leg ik er wel witte bloemetjes op :)

993008_714191988606543_607473339_n     Reken maar uit

Reken maar uit
Double chocolate fudge cake

Double chocolate fudge cake

Hieronder nog een paar recepten. O, die liggen natuurlijk thuis en ik zit heerlijk in mijn nieuwe kantoor te werken. Recepten volgen zo snel mogelijk!

Courgettebrownie:

Carrot cake zonder Carrot:

Aside | Posted on door | Een reactie plaatsen

Bananenbonje

Ja, dat kan dus niet, hè. Zit ik een beetje bij te komen in Schotland, heerlijk opgekruld voor de houtkachel boeken te lezen waar ik al maanden niet aan toekom, met een berg chocoladeversnaperingen in alle soorten en maten (zelfs de chemische troep, maar het is vakantie dus dan maakt dat geen fluit uit) binnen handbereik en lammetjes die vrolijk voor het raam dartelen, komt er een facebookberichtje voorbij dat dat andere bananenbrood toch lekkerder is dan het mijne… Ik voelde spontaan mijn nek verkrampen. De chocolaatjes smaakten me niet meer en de lammetjes probeerden treurig blatend onder een boom te schuilen voor de Schotse regen. De volgende dag stond ik in de boekwinkel koortsachtig door kookboeken te bladeren op zoek naar een ander recept. Ja, maar… Ik had pas één keer in mijn leven bananenbrood gemaakt, en betweterig als ik ben stonden er al aantekeningen voor verbeteringen bij het recept geschreven (ja, ik schrijf in mijn kookboeken, en aangespoord door de vertaling waaraan ik momenteel zit te werken – De boekenapotheek – probeer ik mijn eerbied voor boeken een beetje los te laten en ze meer als gebruiksvoorwerpen te zien. Ezelsoren mogen best. Hier en daar een aantekening, Waarom niet? Een beduimeld exemplaar ziet er toch ook veel meer uit alsof het gewaardeerd wordt?) Goed, eenmaal weer thuis meteen een tros bananen gekocht om langzaam bruin te laten kleuren; hoe bruiner de schil, hoe zachter en zoeter de banaan en dat komt de smaak dan weer ten goede. En je kunt wat minder suiker toevoegen.

Hier dan het recept van mijn aangepaste versie van het bananenbrood, afgeleid van het recept uit het Hummingbird bakboek.

- 220 gram lichte basterdsuiker

- 2 eieren

- 200 gram geprakte banaan (2 forse bananen), oude bananen dus, hè

- 280 gram bloem

- 1 tl bakpoeder

- 1 tl baksoda

- 1 tl kaneel

- 1 tl gemberpoeder

- 1/2 tl piment

- 1/3 tl nootmuskaat

- snufje zout

- ongeveer 2 eetlepels honing

- 140 gram gesmolten boter/blue band

- ong 80 gram gehakte pecannoten

Oven voorverwarmen op 170 graden.

Suiker en eieren goed mixen, dan bananenprut erdoor en weer flink mixen. Droge ingrediënten zeven en erdoor roeren, honing toevoegen, weer mixen. Gesmolten boter erdoor kloppen en als laatste de pecannoten er doorheen roeren. Giet het beslag in een cakevorm (niet te klein, niet te groot. Bij een grote moet je de baktijd in de gaten houden, bij een kleintje niet al het beslag erin, het rijst letterlijk de pan uit en dat is de bedoeling, maar daar moet het wel de ruimte voor hebben.). Ik vind het zelf het prettigst om cakeblikken ook gewoon met bakpapier te bekleden, bij mij blijft het anders nl altijd aan de randen plakken, maar als je goede ervaring hebt met ingevette blikken, gewoon doen. Het brood moet ongeveer een uur in de oven. Na 50 minuten even checken en dan in de gaten houden, want het kan opeens heel hard gaan. Als de bovenkant voor je gevoel te snel donker wordt, kun je het rooster na 40 minuten wat lager in de oven zetten. Zoals gebruikelijk moet een prikker/chopstick die je erin steekt er droog uitkomen. Even laten koelen in het blik en helemaal afkoelen op een taartrooster.

Bananenbrood 2.0

Ik vond ‘m eerlijk gezegd fantastisch smaken. De vorige was al prima, maar deze had net dat extra beetje pit en bite. Buuf was nog niet helemaal overtuigd en vindt die andere nog steeds iets lekkerder. Tsss…

Liekie was er al zeker van dat ik met iets lekkers aan zou komen zetten (een paar plakken bananenbrood) dus zij dacht mij te verblijden met rabarber. Yay, goede keus. Als kind had ik een haat-liefdeverhouding met rabarber. Toen ik nog heel klein was, was ik er dol op, maar naarmate ik ouder werd gingen de sliertjes erin me steeds meer tegenstaan. Bij mijn eerste tripje naar Schotland liep ik ook voor het eerst tegen rabarberzuurstokjes aan: geen sliertjes, wel een friszure smaak en een mooie donkerrode tong. In de loop van de jaren is mijn smaak echter blijven veranderen, helemaal sinds ik voor mezelf kook en ik ingrediënten probeer te bereiden op de manier die mij het lekkerst lijkt. Eigenlijk lust ik nu bijna alles, behalve hete bliksem en vreemde kaasjes. Dit laatste tot grote ergernis van mijn vrienden die het soms al lastig genoeg vinden om voor een vegetariër te koken en dan lust ze ook nog eens geen feta (in kleine hoeveelheden lukt het me), geitenkaas of blauwgeaderde schimmelvarianten.

O ja, rabarber. Heerlijk om te koken met aardbeien en een beetje suiker en als bijgerechtje te serveren, of als toetje. Maar het kan natuurlijk ook (beetgaar gestoofd in boter, een scheutje water en een flinke schep suiker) door de cake. En dan heb je nog wat gestoofde rabarber over, dus dan maak je er een rabarberflap van (gewoon in bladerdeeg vouwen, dichtdrukken, suiker erover en een kwartier in de oven) en van de ongekookte rabarber moet vast wel iets jammerigs te maken zijn. Er zaten nog twee doosjes frambozen in de vriezer. Gooi deze met de rabarber, (gelei-)suiker en citroensap in een pan en laat de hele handel flink doorkoken. Verhoudingen? Dit doe ik dus echt op het gevoel. Begin dus nooit met te veel suiker, want dan blijf je er citroensap bij doen. Zowel rabarber als frambozen hebben een vrij laag pectinegehalte, dus het duurt een tijdje voor de jam dik wordt. Je kan hem laten doorkoken, eventueel wat maizena erdoor roeren, al ben ik daar niet echt een fan van; ik heb maar gewoon geaccepteerd dat het een iets vloeibaarder variant is. Maar nee, ik heb dit gister geschreven en net even gecheckt: het is een heerlijke jam geworden!

3 keer rabarber

frambozen-rabarberjam en rabarber-amandelcake DSCN2870

Geplaatst in banaan, framboos, jam, rabarber | 2 reacties

Fluff, en minder spannende ingrediënten

En dan ben je zo ineens tweeënhalve maand verder zonder een woord op papier te hebben gezet. Goed, zonder over zoet te hebben geschreven, want ik heb wel degelijk een boekvertaling ingeleverd, een aantal gedichten omgezet in Engels, een lezing door een Italiaanse die dol is op dropjes uit het Engels naar het Nederlands vertaald, gevolgd door een fantastische uitspraaksessie. En… ik mag een nieuw boek doen: De Boekenapotheek. Meer kan ik er nog even niet over kwijt, maar ik heb er zin in.

Ondertussen bleef er dus maar weinig tijd over om te bakken, en nog minder tijd om daarover te schrijven. Maar ik ben wel bezig geweest. Zo heb ik mijn eerste whoopie pies gebakken. Eigenlijk een beetje speciaal voor Anne Marjon, want zij moest optreden en ze is dol op carrot cake. Ik ook, maar ik wilde er eens een variatie van uitproberen, dus een carrot cake whoopie pie, wat eigenlijk niet meer zoveel met carrot cake te maken heeft, afgezien van de carrot. Eigenlijk zijn het een soort taaie cakejes (door de yoghurt in het beslag/deeg) die je met een goedje op elkaar plamuurt. Serieus, marshmallow fluff is wel het ranzigste ingrediënt om mee te werken en bij mijn tweede poging heb ik dat ook niet gebruikt. Voor degenen die geen idee hebben wat dit is. Denk negerzoen (ik kan hier wel ‘zoen’ zeggen, maar daar kun je alle kanten mee op) maar dan zonder chocola of wafeltje. Ja, plakkerige witte prut dus. Overigens erg lekker mét chocola en wafeltje. Dit extreem zoete goedje diende met nog meer suiker vermengd te worden en boter. Hier ontging mij de logica, maar wie ben ik om iets al af te schrijven voor ik het überhaupt heb geprobeerd? Oké, dat doe ik dus regelmatig, maar ik had die pot prut toch staan. Probeer dat er maar eens uit te krijgen, want het blijft werkelijk waar overal aan plakken; alsof je zojuist een negerzoengevecht (nogmaals, als ik hier ‘zoen’ zou neerzetten…) hebt verloren. Als het je dan uiteindelijk toch is gelukt om alles te mixen, mag je gaan plamuren. Zo’n klusje waar je heel blij van wordt, zelfs als de helften weer van elkaar af glijden omdat de metselspecie iets te dun is… ik zie hier meteen ruimte voor verbetering.

carrot cake whoopie pie halfjes Postplamuren

Dat heb ik afgelopen week dus gedaan met Pistachewhoopies. En weet je, met vanille botercrème zijn ze eigenlijk een stuk lekkerder, en de structuur is beter waardoor ze niet meer over elkaar heen glijden. En als je gemalen pistache te prijzig vindt: gewoon zelf pellen, ook als er ‘ongezouten’ in het recept staat. Dat laatste geldt overigens ook voor boter, behalve bij botercrème of glazuur.

PistachehalfjesPistachewhoopies

Maar ik heb me ook laten gaan met koekjes. Allereerst voor Valentijn. Dit was mijn tweede poging tot het maken van shortbread. Qua ingrediënten het simpelste koekje wat er is: boter (goed, hier wel ongezouten, maar vooral omdat er maar drie ingrediënten zijn) bloem en suiker, verhouding 2-2-1. Dat is alles (wel eenderde van de suiker achterhouden om er overheen te strooien). Vervolgens kun je er natuurlijk van alles mee doen en ik was in een avontuurlijke bui dus bij gebrek aan gedroogde lavendel ging ik voor anijs en kandijsuiker… Dat is dus iets te veel suiker. Niet qua smaak, maar qua verbrandgevaar. Suiker verbrandt namelijk vrij snel, maar dan krijg je wel van die mooie gouden draden. Waar je dus wel mee moet oppassen is dat je het deeg niet overkneedt. In dat geval krijgt het namelijk bladerdeegachtige eigenschappen en is het niet langer een zwaar en compact koekje, maar een luchtig, knapperig kaakje. Dat klinkt lekker, maar shortbread moet gewoon een soort voedzame bodemlegger zijn.

Valentijnskoekje

Valentijnskoekje

Nog meer koekjes en een enorme behoefte om met chocola aan de slag te gaan: double chocolate chip cookies! Hier zit dus zelfs gesmolten chocola in het deeg. Ik voel me heel erg Nigella als ik dit ga zeggen, maar het smelten van chocola met een beetje boter is een van de fijnste dingen die er is. Het ziet er prachtig uit, de geur is bedwelmend en je moet jezelf constant inhouden om die spatel niet af te blijven likken.

In plaats van er ook nog pure chocoladestukjes doorheen te doen, heb ik gekozen voor wit; het oog wil ook wat en dat was eigenlijk al mijn plan toen ik het recept voor het eerst las. Het resultaat was verschrikkelijk. Op alle mogelijke positieve manieren, maar verschrikkelijk voor mij in de zin dat ik er 6, zegge: zes, heb opgegeten. Weliswaar niet achter elkaar, maar dat is me dus nog nooit overkomen.

Hier dan toch even kort het recept, gebaseerd op het Hummingbird bakboek:

Voor 18 stuks

- 50 gr boter/blue band

- 225 gram pure chocola

- 2 eieren

- 85 gram lichte basterdsuiker

- 85 gram rietsuiker

- 1/4 theelepel vanille-extract/-essence/-aroma

- 85 gr bloem

- 1/2 theelepel zout

- 1/2 theelepel bakpoeder

- 200 gr witte chocola

Oven voorverwarmen op 170. Leg 2-3 bakplaten klaar met bakpapier. Boter met de pure chocola (gebroken) au bain marie laten smelten. Eieren, suiker en vanille in een kom mixen tot het een glad mengsel is. Gesmolten chocola (iets afgekoeld zodat het eiwit niet meteen gaat stollen) er doorheen kloppen. Bloem, zout en bakpoeder zeven en in drie keer door het mengsel roeren. Nog even kloppen om te zorgen dat alles goed is vermengd. Als laatste de gehakte witte chocola erdoor mengen. Ongeveer een scoop deeg met een ijslepel per koekje. Leg ze wel een stukje uit elkaar, want ze lopen uit en druk ze heel iets in in het midden om dat gelijkmatig te laten verlopen. Ik ben er trouwens altijd voor om het midden van de oven te gebruiken (elektrisch, hè), dus dan moet je het drie keer achter elkaar doen, maar dan krijg je naar mijn mening wel het beste resultaat. Bak de koekjes ongeveer 13 minuten (na 10 min. al even checken hoe het ervoor staat). De bovenkant van de koekjes moet barsten en glanzen. Laat ze een tijdje afkoelen op de bakplaat voor je ze op een rooster legt. Als je ze er te snel van af probeert te halen kunnen ze kapotgaan omdat het vrij zachte koekjes zijn. Afgekoeld moeten ze een tikkeltje taai zijn. Enjoy!

DSCN2597

Afgelopen week heb ik me ook voor het eerst aan Lamingtons gewaagd. In het kort is het eigenlijk een soort petit four met een coating van chocola en kokos. Ik zag hier zeker verbeterpunten (zeker gezien de explosie in mijn oven toen ik even onder de douche stond) en ga het binnenkort met een ander recept nog eens proberen, maar ze zijn allemaal opgegaan. En ze zien er prachtig uit…

lamingtons

 

Geplaatst in chocola, koekjes, kokos, Uncategorized, whoopie pie, wortel | Tags: | Een reactie plaatsen

Blue Bakeday

Ik heb iets ontdekt aan het boek dat ik momenteel zit te vertalen. Het heeft een enorm effect op mijn bakdrift. Een omgekeerd effect, dat wel. Het verhaal is hilarisch, maar zo onhuiselijk, zo ongezellig, en eten speelt er geen enkele rol in, dat ik totaal niet word geprikkeld om aan het bakken te slaan. Ik heb dit jaar welgeteld twee taarten geproduceerd. Oké, als je echt goed telt waren het er zes: twee daarvan maakten onderdeel uit van een chocolade-explosie van twee lagen en nog een heleboel ganache; drie anderen heb ik op elkaar geplamuurd voor een peer-honingcreatie waar ik, en gelukkig ook de rest van Ramona’s verjaardagsgevolg, heel blij van werd; en eentje was een mislukte peercakefrisbee, die overigens nog met heel veel smaak is verorberd (als frisbee deed hij het minder goed, want eigenlijk was het meer een kamikazecake die zich van het fornuis stortte en als een baksteen op de keukenvloer belandde).

Er liggen nog steeds kookboeken op mijn nachtkastje, maar ik vrees dat daar voorlopig niet veel mee wordt gedaan. Alhoewel, binnen een week begint de grote revisieklus, dus dan heb ik absoluut afleiding nodig. En als ik bak kom ik soms op de vreemdste of meest briljante ideeën.

Hier toch nog even mijn peer-honingtrots:

DSCN2472

Geplaatst in honing, inspiratie, peer | Een reactie plaatsen

Kerst en koek

Wat heerlijk. Een middagje struinen over de kerststreekmarkt, glühweintjes drinken, warme chocolademelk drinken, spontaan rummikuppen in een cafeetje, en dan kom je thuis en ruikt alles naar de kerstkoekjes die je die ochtend hebt gebakken.

Ik ben dol op gemberkoekjes. Toen ik deze voor het eerst maakte dacht ik dat piment een heel exotische specerij was die bijna nergens te krijgen is (ja, ook ik leer iedere dag iets bij), en dat had ik dus niet in mijn assortiment. Na een beetje googlen kwam ik erachter dat het qua smaak wel iets peperigs heeft. Dan is chilipoeder vast ook goed… Inmiddels maak ik deze koekjes netjes met piment, maar zeker rond kerst misstaat een snufje chili niet, aangezien dit een heerlijk warme smaak aan de koekjes geeft en nét iets meer pit. Een beetje net als bij chilibrownies of warme chocolademelk met chilipoeder. Ik blijf het alleen wel lastig vinden om de juiste verhoudingen te kiezen, want bij het proeven van deeg/beslag komt de chili altijd net wat later naar voren dan de rest van de smaken, waardoor ik er nog een beetje aan toevoeg terwijl ik twee seconde later de chilisensatie op mijn tong voel. In dit geval loont geduld dus echt en heeft niet iedereen tranen in zijn ogen na het eten van een koekje – toen ik ooit voor het eerst pompoensoep maakte, was ik nogal scheutig met de chilipoeder en vervolgens zat iedereen met tranende ogen en heel veel moeite een kom leeg te lepelen.

DSCN2454

Recept, afgeleid van Het Hummingbird bakboek:

Denk erom, het deeg moet een nachtje in de koelkast!

400 gram bloem

3/4 tl baksoda

2 tl gemberpoeder

2 tl kaneel

1/2 tl piment

1/4 tl nootmuskaat

1/2 zout

- eventueel 1/3 tl chilipoeder (of iets minder, afhankelijk van hoe scherp je ze wilt hebben)

180 gram boter (blue band of roomboter)

1 ei

125 gram golden syrup of schenkstroop

- als je ervan houdt kun je ook nog naar smaak verse gember raspen en door het deeg mixen

Suiker en boter goed mixen, stroop en ei erbij, weer goed mixen. De rest van de droge ingrediënten in een kom zeven en steeds een paar lepels aan de mix toevoegen en dan goed mengen tot dit is opgenomen. Als alle bloem en specerijen aan de mix zijn toegevoegd, het deeg in drie porties verdelen en in een plastic zakje verpakken en een nachtje in de koelkast leggen.

Over voorverwarmen op 170 graden. Deeg uit de koelkast halen en even op temperatuur laten komen. Per portie uitrollen op een met bloem bestoven oppervlak tot een lap van 3-4 mm. Vormpjes uitsteken. Als je geen vormpjes hebt, kun je ook gewoon een glas gebruiken.

Bakplaten bekleden met bakpapier en de koekjes iets uit elkaar erop leggen. Bak ze 10-15 minuten. Ze lijken misschien nog wat zacht, maar ze worden harder als ze afkoelen. De randjes mogen niet al te donker worden. Even laten afkoelen op bakplaat en dan helemaal laten afkoelen op een rooster. Je kunt ongeveer vijf bakplaten vullen.

Je kan de koekjes nog versieren met eiwitglazuur. Ik denk dat ze met gewoon glazuur van suiker en water een beetje vochtig worden.

Een ander kerstideetje zijn misschien ook nog onderstaande appel-ahornsiroopcupcakes met pecannoten. Deze heb ik samen met Elsbeth gebakken voor haar kookblog op chicklit.nl. Hier kun je ook het recept vinden. Enjoy!

DSCN2439

Geplaatst in gember, kerst, koekjes | Tags: , , | Een reactie plaatsen